Gedrag
 

Geurentaal (en lichaamstaal)

Pups worden geboren met de neus open, maar hun ogen en oren zijn dicht. Het eerste en meest belangrijkste in een hondenleven - de moeder - ervaren ze als eerste energie en geur. Van hier uit bezien is dus de volgorde ; neus-ogen-oren... Honden gaan dus eerder op geur af dan gehoor, vandaar dat we beter met onze aanwezigheid kunnen communiceren dan met de stem, de meeste bazen praten dan ook veel te veel met hun hond...

De moeder wast de pups na de geboorte schoon wat ze eerst niet fijn vinden. Maar omdat ze er ontspannen van worden en de ontlasting op gang komt, gaan ze dit wassen ervaren als prettig.  Op deze manier zet de moeder ook haar geur af op de pups.
Als de pups ouder worden en de wereld willen gaan ontdekken, gaan ze zich verzetten tegen het gedwongen stil liggen om gewassen te worden.

De moederhond dwingt de pup om te blijven liggen en het wassen te ondergaan. De geur van de moeder moet overheersen, want zij bepaald alles.
Wanneer een pup buiten het nest een plasje doet, volgt de rest vanzelf, geur over geur die moeder afsluit en daarna opruimt.
Omdat moeders geur over heerst en zij haar gezag laat gelden, krijgt ze respect van de pups.
Bij volwassen honden speelt geur ook een grote rol. Zo zijn er honden waarvan men denkt dat ze  ''onzindelijk'' zijn, maar de pup brengt gewoon zijn geur in huis. Dit 'ongelukje' kan dan ook een dominantieplasje zijn. Dit zetten ze ook graag af op uw spullen, een kussen, een tas etc. U zet dan net als de moeder hond uw geur over die van de hond, maar dan doormiddel van een emmer sop en dweil. Er een eigen plas overheen doen zou beter werken, maar is nu eenmaal niet zo fris in mensen ogen.
Uw geur moet dan ook op het speelgoed van de hond om aan te geven dat het uw eigendom is en niet van de hond. Bij sommige mensen ligt het hele huis vol hondenspeelgoed. Dat is hun bezit en mogen ze van u als baas alles mee doen, maar om te voorkomen dat de hond de rest van het huis ook als bezit gaat zien, moet je af en toe al het speelgoed weg halen en even door je handen wrijven om te markeren. Markeren doet de hond op meerdere manieren, bijvoorbeeld ook door de geurklieren op de voetzolen of door tegen (of op!) de bank aan te gaan liggen.

Je ziet een hond wel eens bezig of hij een bal wil begraven, dit is puur toe-eigenen van de bal, zijn geur er op zetten, die is van mij! Wanneer een andere hond de bal af pakt, doet deze vaak hetzelfde, even de geur er op zetten op de bal om die toe te eigenen.

Vanuit dit principe gaan wij aan de gang met massage van de hond.
Aaien vind de hond over het algemeen wel prettig, maar alleen daar waar hij het wil.

Een hond gooit zich vaak direct op de rug waardoor je het idee krijgt dat hij het zo lekker vindt om op de buik geaaid te worden.  In werkelijkheid bepaald hij zo zelf waar hij niet en wel geaaid wil worden. Het middendeel van de buik valt niet onder de dominante zones en daarom laat hij zich daar graag aaien.

Door de hond te masseren, doe je hetzelfde als waar de moeder mee begon, dit werkt dus kalmerend omdat het positieve associatie heeft. Hoe meer je de hond aanraakt, hoe meer je hem toe eigent (Cesar!).
Hierdoor krijg je respect en vertrouwen van de hond, waardoor de hond uiteindelijk gaat luisteren naar een correctie, niet uit angst, maar uit respect en vertrouwen.
Bovendien help je een drukke, angstige of onzekere hond te leren ontspannen. Dat waar ze zich zo tegen verzetten, wordt een ontspannen bezigheid waardoor de hond beter in balans komt en zich dus rustiger voelt. in deze rustige toestand is het ook makkelijker om een hond iets te leren. Een hond die onder stress staat, neemt geen dingen op.

 

 

 

 

 

 

 

 

Massage maakt de hond kalm, bovendien eigen je de hond toe met aanraking, dus met je geur.

 


leer de hond lezen
.

De hond/pup is constant bezig met het opserveren van de baas. Zo leest hij jou gemoedstoestand en je lichaamstaal.
Honden gebruiken lichaamstaal om met elkaar te communiceren. Maar ook om elkaars gemoedstoestand te peilen.
Je kunt de lichaamstaal van de hond leren lezen. Dit wordt weergegeven door soms duidelijke, soms subtiele gebaren/signalen. Maar ondersteund door hun energie.
Dit bepaald in welke context iets bedoeld wordt.
Een hond met de oren naar achteren kn het signaal afgeven kalm onderdanig te zijn, wat de normale houding is van een hond in een groep, maar het kan ook angst beteken.
Een hond die een andere hond beklimt kan dominantie zijn, maar ook gewoon speel gedrag. Daarom is het belangrijk te lezen in welke gemoedstoestand een hond is bij bepaald gedrag, naast de lichaamstaal om te bepalen wat er precies aan de hand is.